Hooggevoelig en hoogbegaafd (2)

 

Een blog n.a.v. de lezing van Gekend Talent en Zien in Eigenheid van 3 oktober 2016

 

De avond begint met een uitleg over wat hoogbegaafdheid is. Voor mij gesneden koek. Mijn bijrijder, diezelfde avond voor het eerst ontmoet, zit naast me, intens te luisteren. Wanneer het zijnsluik van Tessa Kieboom voorbij komt, fluistert ze enthousiast naar me: “Wow, dit is het!” Het zijnsluik gaat er vanuit dat er nog andere kenmerken van hoogbegaafdheid zijn naast de bekende aspecten als: een grote motivatie (voor zaken die ze interesseren), een hoge intelligentie en een hoge mate van creativiteit (Mönks). Tessa zegt dat naast de leerhonger, ook een ‘anders zijn’ en ‘anders voelen’ aanwezig is. Daar horen kenmerken bij als een sterk rechtvaardigheidsgevoel, perfectionisme en gevoeligheid.

Een paar dagen na de lezing hoor ik van een moeder een uitspraak van de leerkracht van haar dochter: “Uw kind is niet hoogbegaafd. Dan zou ze heel veel dingen in één keer moeten kunnen. Uw kind is hoogintelligent.” Ik besef me door deze onwetende opmerking en het enthousiaste gefluister van mijn buurvrouw tijdens de lezing, hoeveel mensen nog níet weten wat hoogbegaafdheid nu eigenlijk echt inhoudt. En dat ik deze ‘stof’, voor mij welbekend, moet blíjven uitdragen om te voorkomen dat leerkrachten en anderen op zo’n verkeerde manier naar kinderen kijken. Hoogbegaafde kinderen zijn niet (alleen) die kinderen die alles meteen weten, altijd hun vinger omhoog hebben en de hoogste scores halen. Ze zijn er zeker wel, maar het is niet dé graadmeter om te hanteren als signalering. Het zijn kinderen die zich anders voelen. Een tijdje terug vroeg ik een leerling wat hij zijn nieuwe juf wilde laten weten over zichzelf. “Dat ik anders ben”, zei hij. Deze 4 woorden zeiden al genoeg. Ze zijn anders en ze voelen zich anders en dat kan heel erg moeilijk zijn. Kom dan als leerkracht ook niet aan met opmerkingen (waargebeurd!) zoals: “Ze moet zich maar aanpassen aan de klas en socialer worden.” Socialer worden? Ga maar eens als mens met een gemiddeld IQ 5,5 uur per dag in de schoolbanken zitten met allemaal mensen met een IQ van 60, dus mensen met een verstandelijke beperking. En probeer dan maar eens sociaal met hen te zijn, oftewel, te proberen op hun niveau te komen en in hun gesprekken mee te doen. Aanpassen aan de groep? Je zou zeggen: dat kan toch niet?! Waarom zou je dat überhaupt willen? Tegen hoogbegaafden zeggen we: “Je moet je hele leven nog in deze maatschappij functioneren, dus je zorgt maar dat je het gaat leren.” Is dat eerlijk? En is dat eigenlijk wel 100% waar? Tuurlijk moet je kunnen communiceren met anderen, maar zal je na je basisschooltijd of na het VO in de maatschappij nog altijd in de situatie blijven dat je uren per dag samenwerkt met mensen van een totaal ander niveau? Vaak niet. Behalve zij die zich wél gingen aanpassen en zo sterk zelfs dat ze niet anders meer konden dan dat. Mensen die vaak niet gelukkig zijn in hun leven. Wat me nog het meeste pijn doet in ‘onwetende’ opmerkingen van leerkrachten is het feit dat ze totaal geen rekening houden met de gevoeligheid van het kind. En dan komen we direct op het 2e onderdeel van de lezing. Alle hoogbegaafde kinderen zijn in een bepaalde mate gevoelig. Dabrowski heeft het over verschillende typen gevoeligheden:

  • De fysieke gevoeligheid. Kinderen moeten dan vaak ook bewegen om zich te kunnen concentreren.
  • De zintuigelijke gevoeligheid. Deze kinderen kunnen enorm genieten van muziek en de natuur.
  • De beeldende gevoeligheid. Bij deze kinderen kunnen fantasie en waarheid door elkaar lopen. Mensen noemen het vaak liegen, maar deze kinderen vertellen vaak iets dat echt gebeurt is, maar door hun grote fantasie komt er van alles bij. Ze liegen dus niet bewust.
  • De intellectuele gevoeligheid. Zij willen alles weten en zijn kritisch.
  • De emotionele gevoeligheid. Deze kinderen voelen intenst. Ze hebben last van de emoties van anderen. Vaak uit zich het in fysieke klachten. Ze maken zich vaak zorgen. Deze kinderen hebben vaak ook intense contacten. Je moet hen leren dat je ‘echte, goede vrienden’ hebt en bv. ‘speelvrienden’ of ‘voetbalvrienden’.

Wanneer je dit weet, kijk je heel anders naar gedrag of fysieke uiting. En daardoor kun je ook op een betere manier begeleiden en helpen. Ik heb bijvoorbeeld al verschillende kinderen meegemaakt die veel moeite hebben met grote veranderingen. Eén van die veranderingen is bijvoorbeeld de overgang van groep 8 naar de brugklas. Deze kinderen vonden het zo ontzettend spannend! Het is namelijk zo totaal anders dan ze gewend zijn en ze hebben geen idee hoe het er uit gaat zien. Dit maakt ze onzeker en bang! Het helpt dan niet om te zeggen: “Ach joh, iedereen vindt het wel spannend, maar het komt allemaal wel goed!” Want zeer waarschijnlijk vindt jou kind het veel spannender door zijn of haar hoge gevoeligheid. Daarnaast gaan ze vaak met hun intelligentie allemaal scenario’s in hun hoofd halen van wat er kan gebeuren of wat er mis kan gaan. Ergens blanco in stappen, dat zijn ze niet gewend. Het is dan belangrijk de angst serieus te nemen en samen te gaan zoeken naar wat het kind nodig heeft om er minder tegen op te zien. Een paar extra bezoekjes aan de VO school, een gesprek met de toekomstige mentor, een overzicht van een dagindeling, een dagje meedraaien, een filmpje, foto’s, allemaal dingen die kunnen helpen. Wanneer je daar vervolgens meer duidelijkheid in hebt gegeven, kun je samen de overgebleven angsten en scenario’s gaan bespreken. Schrijf alle angstige gedachten op die je kind noemt en ga vervolgens elke angstige gedachte omzetten in een helpende gedachte. Een gedachte die gaat helpen om het niet eng te vinden en er minder of niet tegenop te zien. Hang die helpende gedachtes op, herhaal ze regelmatig hardop zodat ze langzaam aan kunnen verinnerlijken. Op zo’n manier begeleid je je gevoelige kind op de behoeften die hij of zij heeft.

 

Hoogbegaafd en hooggevoelig, er is zoveel over te zeggen en schrijven. Ook ik ben nog lang niet uitgeleerd en heb een paar weken terug weer een boek hierover aangeschaft. Want hoe meer we hen begrijpen, hoe gelukkiger zij worden. En daar gaat het uiteindelijk om!

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *